Veilig luisteren met een koptelefoon: wat de WHO adviseert
Te hard of te lang luisteren kan je gehoor blijvend beschadigen. Dit adviseert de WHO over volume en luistertijd, en zo houd je het zelf in de gaten.
Een koptelefoon zit dicht op je oor, en het volume gaat makkelijk omhoog als het om je heen druk is. Dat kan je gehoor blijvend beschadigen, vaak zonder dat je het merkt. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft duidelijke richtlijnen voor veilig luisteren. Dit artikel zet ze op een rij; het is geen medisch advies.
Hoe gehoorschade ontstaat
In je oor zitten zintuigcellen die geluid opvangen. Volgens de WHO raken die vermoeid door hard geluid. Na een luid concert hoor je daarom soms tijdelijk minder of hoor je een piep of gezoem: tinnitus. Meestal gaat dat weer over als de cellen herstellen. Bij herhaalde blootstelling kunnen ze echter blijvend beschadigd raken. Dat heet lawaaidoofheid, en die is onomkeerbaar.
Het verraderlijke is dat het meestal geleidelijk gaat. De WHO beschrijft dat je eerst alleen hoge geluiden minder hoort, zoals belletjes of vogelgezang. Pas later wordt een gesprek in een druk restaurant lastig. Ook één keer extreem hard geluid kan al schade geven.
Volume én tijd
Het risico hangt af van hoe hard, hoe lang en hoe vaak je luistert. De WHO geeft een helder voorbeeld: op 80 decibel kun je veilig tot 40 uur per week luisteren. Op 90 decibel is dat nog maar 4 uur per week. Tien decibel harder betekent dus een tiende van de veilige tijd.
Ter vergelijking noemt de WHO een fluistering rond de 30 decibel en een normaal gesprek ongeveer 60 decibel. Geluid onder de 80 decibel geeft volgens de WHO waarschijnlijk geen gehoorschade.
Hoe hard staat jouw koptelefoon?
De meeste mensen weten niet hoeveel decibel hun koptelefoon produceert. Een meting van de University of Illinois laat zien hoe snel je over de grens gaat. Met oortjes op een muziekspeler, met de volumeschuif op iets minder dan de helft, mat de onderzoeker al pieken tot 86 decibel. Op 80 procent van het volume liep dat op tot boven de 100 decibel. Met een koptelefoon lag het iets lager, maar ook daar ging het op 80 procent ruim boven de veilige grens. De onderzoeker waarschuwt zelf dat de uitkomst afhangt van het apparaat en de muziek, maar de les is duidelijk: de stand van de schuif zegt weinig.
Meten is daarom beter dan gokken. De WHO wijst op apps en op functies die in sommige smartphones zitten, die je geluidsniveau bijhouden en een melding geven als je te lang te hard luistert. Heb je geen app, dan geeft de WHO een eenvoudige vuistregel: moet iemand op armlengte zijn stem verheffen om door jou gehoord te worden, dan staat het te hard.
Wat de WHO van apparaten vraagt
In 2019 publiceerden de WHO en de Internationale Telecommunicatie-unie (ITU) een standaard voor veilige audioapparaten. Daarin staat onder meer dat een apparaat bijhoudt hoeveel geluid je binnenkrijgt als percentage van je wekelijkse geluidstegoed. Je krijgt een persoonlijk luisterprofiel, er zijn opties om het volume te begrenzen en je krijgt uitleg over veilig luisteren. Sommige telefoons hebben zulke functies al ingebouwd; het loont om ze aan te zetten.
Signalen om serieus te nemen
Blijft een piep of gezoem aanhouden, dan kan dat volgens de WHO wijzen op gehoorschade, maar ook op andere aandoeningen. Ga dan naar een arts. De WHO raadt ook aan je gehoor elk jaar te controleren, bijvoorbeeld met hun app hearWHO of bij een audicien.
Wat betekent dit voor jou?
Zet de luisterlimiet of volumebegrenzing op je telefoon aan en kijk af en toe hoeveel je luistert. Luister je veel in de trein, het vliegtuig of op straat, dan helpt een koptelefoon met goede noise cancelling: je hoeft het lawaai dan niet met volume te overstemmen. Lees hoe dat werkt in hoe noise cancelling werkt of bekijk de beste noise-cancelling koptelefoons in onze catalogus.